Gemiddeld zijn de kosten voor het aanleggen van een warmtenet per woning tussen de 10.000 en 20.000 euro. Dat zijn kosten voor het warmtenet, de warmtebron (in onze wijk het gezuiverde water van de rioolwaterzuivering) en voor een zogenaamd warmtekoudeopslag (WKO) systeem èn kosten om de woningen aan te sluiten door middel van een zogenaamde ‘afleverset’.

De kosten tot en met de afleverset zijn voor de exploitant. Als dat in ons geval een lokale energiecoöperatie wordt, dan zal er een financier moeten worden gezocht (en/of kunnen aandelen worden uitgegeven aan onder anderen bewoners), zodat het warmtenet ook echt voor een deel in handen is van de bewoners.

Het benodigde bedrag per woning zal worden verlaagd dankzij een subsidie (tot maximaal 6.000 euro uit de zogenaamde WIS subsidie*). Een deel kan worden terugbetaald uit de jaarlijkse vaste lasten en een deel van de aansluitbijdrage die bewoners betalen die willen aansluiten. Er is hiervoor een maximale aansluitbijdrage voor bewoners afgesproken bij een bestaand warmtenet van zo’n 5.500 euro. Hiervoor is dan weer een subsidie mogelijk van 3.325 euro (ISDE subsidie).

Bij een nieuw warmtenet kan een hogere bijdrage nodig zijn om het warmtenet te kunnen aanleggen. De bewoners beslissen altijd zelf of dit voor hen de moeite waard is. De mate van participatie van bewoners is uiteindelijk een belangrijke factor voor de kosten. Zij beslissen uiteindelijk zelf of de opbrengsten in het Westerkwartier opwegen tegen de kosten, dat moet blijken uit het onderzoek dat nu plaatsvindt.
Met de genoemde subsidies èn een hoog percentage van deelnemers is de eerste inschatting dat de balans tussen kosten en opbrengsten positief uitpakt voor het Westerkwartier. De eerste berekening van kosten en baten laat zien dat de verbruikskosten per huis gemiddeld lager uitvallen dan verwarmen met een individuele warmtepomp.

  • Bij de eerste berekening zijn aannames gedaan over een aantal variabelen, namelijk:
  • Energieprijs van 50 GJ
  • Technische ruimte(s) en benodigde warmtepomp(en);
  • Bijstook (bio)gas: lagere investering maar hogere exploitatiekosten;
  • Brontemperatuur warmtenet: mogelijkheden in variëren in 70 en 50 graden net;
  • Subsidies (we sluiten steeds aan bij de actuele situatie, er komen ook nieuwe subsidiemogelijkheden);
  • Financiering van de exploitant;
  • Publieke of private exploitatie.